Het AD berichtte er uitgebreid over en plaatste er een poll bij: "Het moet kunnen dat een 15-jarige een frietkraam runt". Tienduizenden reacties, 88% eens. Leuk, maar wat zou de uitslag zijn geweest als Jasmijn 12 was? Of 10?
Ik wil maar zeggen: grensgevallen schuren altijd. De toeslag die je misloopt omdat je een tientje te veel verdient. De tegemoetkoming in reiskosten die je niet krijgt omdat je 20 meter te dicht bij je werk woont. Begrijpelijk, want 'net niet' is 'bijna wel'. En 15 is bijna 16…
Leeftijdsgrens werkt niet bij een frietkraam
Het probleem is dat een leeftijdsgrens, of het nu gaat om arbeid, volwassenheid, leerplicht of pensioen, een scherpte suggereert die er niet is. Neem stemrecht. In Groot-Brittannië mogen ze misschien straks vanaf 16 jaar stemmen. Hier heb je sinds 1972 stemrecht vanaf 18 jaar (voordien 21), de leeftijd waarop je sinds 1988 meerderjarig bent (voordien ook 21).
Oftewel: zo’n getalsmatige grens staat voor een wereld van meningen, opvattingen en inzichten die voortdurend veranderen, gevoed door wetenschappelijke inzichten en maatschappelijk debat. Bijvoorbeeld over wanneer kinderen en jongeren in staat zijn tot een onafhankelijk oordeel over wat voor hen het beste is. Of wanneer wie kan omgaan met gevaar op de werkplek.
Andere grenzen dan: soort arbeid of rechten?
Kunnen we de grenzen niet anders trekken? Kijken naar het soort arbeid bijvoorbeeld? Hm, werkt ook niet: het werd Jasmijn verboden te bakken en achter de kassa te staan. Bestellingen noteren en de afwas doen in de frietkraam mocht dan weer wel. Tankers classificeren als vakantiewerk? Windmolenwieken herstellen? Gaat niet gebeuren. Maar we vinden het wel oké als jeugdigen op topsportniveau keihard trainen, dat combineren met school en dan voor niets anders meer tijd hebben. (Overigens sluiten topsport en kinderarbeid elkaar per definitie uit.)
Nog anders dan: de kinderombudsman verbindt kinderarbeid aan het kinderrechtenverdrag. Ze wijst op vier kernbepalingen: 1) het belang van het kind moet voorop staan, 2) kinderen moeten zich kunnen ontwikkelen, 3) moeten ten opzichte van elkaar gelijk worden behandeld en 4) kinderen moeten hun eigen mening kunnen vormen en geven. Prima, maar deze kinderrechten lijken me ook voor volwassenen heel gezond. En dan moeten we veel volwassenenwerk afkeuren wegens vies, gevaarlijk, remmend, geestdodend en perspectiefloos. Wat we niet doen.
Context en arbeidsrelatie bepalen of werk fair is
Maar als we ons blindstaren op werk of leeftijd gaan we eraan voorbij dat het probleem niet ligt in de arbeid maar in het transactionele karakter ervan. En dat je dus iets van de context en arbeidsrelatie moet begrijpen om te kunnen zeggen of de ruil fair is. Of is die ruil misschien dermate eenzijdig en nadelig dat het eerder op uitbuiting lijkt?
De vraag of een 15-jarige een frietkraam moet kunnen runnen (of een 8-jarige mag vloggen, of een 14-jarige mag prompten) is daarom te makkelijk en het antwoord even voorspelbaar als nietszeggend. 'Wordt dit kind, in deze omstandigheden en in deze verhoudingen, uitgebuit?' is de betere vraag, die interessantere antwoorden oplevert.














