Om precies te zijn, in 2023 werkten thuiswerkers gemiddeld bijna 2 volledige werkdagen (15 uur) per week thuis. Dat is iets minder dan de helft van al hun gewerkte uren. Opgeteld maakten alle thuiswerkuren bijna 20 procent uit van de gewerkte uren door alle werkenden. Zelfstandigen werkten relatief veel thuis: 30 procent van al hun gewerkte uren. Bij werknemers was dat iets meer dan 17 procent.
Blijvend thuiswerken na coronapandemie
Nederlanders werkten voor de pandemie al vaker thuis dan het Europees gemiddelde. Tijdens de pandemie is het aandeel thuiswerkers nog sneller toegenomen dan andere EU-landen. Zoals verwacht, is het thuiswerken een blijvende trend blijkt uit eerdere berichtgeving van het Centraal Planbureau. Dit heeft geresulteerd in een ‘di-do’-economie, waarbij de dinsdag en donderdag behoorlijk druk zijn, zowel op kantoor als in het openbaar vervoer en op de weg.
Daling in 'meestal thuiswerkenden'
In bijna alle beroepen was er tussen 2021 en 2023 een verschuiving van meestal thuiswerken naar soms thuiswerken. Tussen 2021 en 2023 steeg het aantal thuiswerkenden met bijna 700 duizend, tot 3,8 miljoen. Tegelijkertijd daalde het aantal mensen dat meestal thuiswerkt met ruim 600 duizend, tot 1,3 miljoen. Het totale aantal thuiswerkers groeide daardoor van 5,0 miljoen in 2021 naar 5,1 miljoen in 2023. Maar doordat het totale aantal werkenden sneller toenam, daalde het deel dat thuiswerkt van 54 procent in 2021 naar 52 procent in 2023.

Europese koploper
Nederland neemt een koppositie in op het gebied van thuiswerken onder de EU-lidstaten. Met die 52 procent staat Nederland net boven Zweden, Finland en Luxemburg. Grieken, Bulgaren en Roemen werken het minst thuis.
Effect op de kantorenmarkt
Volgens nieuwste inzichten van Colliers, leidt het vele thuiswerken tot veranderingen in de kantorenmarkt. De komende jaren komt 20 tot 30 procent van de kantoorruimte beschikbaar, doordat bedrijven massaal loze vierkante meters inleveren die zijn ontstaan door het vele thuiswerken. Volgens vastgoedadviseur Colliers dreigt een shake-out in kantorenland.
Ondanks dat bedrijven minder vierkante meters kantoorruimte huren, is de ruimte per aanwezige medewerker groter geworden door de manier waarop het kantoor gebruikt wordt. Mensen komen naar het kantoor voor samenwerking en sociale doeleinden. Hierdoor is er meer ruimte nodig dan bij een traditionele kantoortuin.
Colliers voorspelt nu dat zowel het aanbod van kantoorruimte als de leegstand ervan flink toeneemt. 'We zijn na corona niet massaal teruggekeerd naar de werkplek', zegt Harold Coenders van Colliers. 'Bij grote kantoorgebruikers ligt de bezettingsgraad nu op 30 procent, wat betekent dat medewerkers per week 1,5 tot 2 dagen aanwezig zijn. Terwijl het kantoor is ingericht voor 5 dagen.'






