Gevaarlijke stoffen en jongeren: dit zijn de regels

Een krantenwijk, vakkenvullen, werken bij de viswinkel of in de horeca. De jeugd werkt wat af naast of tijdens school. Wat zijn de regels als het gaat om jeugd en gevaarlijke stoffen?

Gevaarlijke stoffen en jongeren: dit zijn de regels

Door een bijbaantje leer je de waarde van geld. Prima dat jij een dure telefoon, make-up of een scooter wilt, maar dan mag je daar zelf voor werken. Waarschijnlijk zijn dit gesprekken die bekend zijn bij veel ouders. Daarnaast werkt de jeugd ook als onderdeel van de opleiding. Bij stages en leerwerk-overeenkomsten doet de leerling praktische ervaring op in het bedrijfsleven.

We hebben geluk te leven in een land waar de inkomsten van jongeren meestal door henzelf besteed kunnen worden en geen essentieel onderdeel zijn van het gezinsinkomen. Dat was vroeger anders. Zodra het kon, gingen kinderen mee naar de fabriek of naar het land om mee te werken. Al in 1874 vonden we als maatschappij dat hier grenzen aan gesteld moesten worden en werd het ‘kinderwetje van Van Houten’ ingesteld, dat kinderarbeid verbood.

Maar een beetje werken mag, zolang het veilig is en niet bijt met de schoolplicht. Ouders, verzorgers en werkgevers zien daarop toe. Zij moeten ervoor zorgen dat het werk dat gedaan wordt veilig en gezond is en binnen de perken blijft.

Jeugd die werkt met gevaarlijke stoffen: de kaders

Dit artikel gaat specifiek over de regels die gelden voor de jeugd onder 18 jaar als het gaat om werken met gevaarlijke stoffen. Ook in het Arbobesluit staan eisen die gesteld worden aan deze hele groep. Aanvullend zijn eisen die gelden voor eren van 13, 14 en 15 jaar, vastgelegd in de Nadere Regeling Kinderarbeid (NRK).

Jongeren van 13, 14 en 15 mogen niet-industriële (hulp)arbeid verrichten van lichte aard (NRK, artikel 1 t/m 4). Dit mag tijdens maatschappelijke stages, alternatieve straffen, vakantieweken en ook in schoolweken. Hoeveel en hoe vaak zij dit mogen, is afhankelijk van de tijd (hoeveel uur en wanneer), de setting en van de exacte leeftijd. Het gaat erom dat zij tijd houden voor schoolwerk en rust.

Als het gaat om werken met gevaarlijke stoffen, geldt dat een kind van 13, 14 of 15 jaar geen arbeid mag verrichten als het kind permanent persoonlijke beschermingsmiddelen moet dragen om het risico tegen te gaan (NRK, artikel 2g). Als uit de nadere inventarisatie gevaarlijke stoffen blijkt dat bepaalde activiteiten door (alle) werknemers uitgevoerd moet worden met adembescherming, handschoenen of huidbescherming, dan is dit werk verboden voor kinderen van 13, 14 en 15 jaar.

Verboden gevaarlijke stoffen voor alle jeugd onder 18 jaar

Jeugd jonger dan 18 jaar mag geen werk verrichten met gevaarlijke stoffen of blootgesteld worden aan gevaarlijke stoffen met bepaalde gevaarseigenschappen:

  • Giftig
  • Kankerverwekkend
  • Mutageen (kan het erfelijk materiaal van cellen veranderen)
  • Reprotoxisch (schadelijk voor de vruchtbaarheid of het ongeboren kind)
  • Sensibiliserend (kan een overgevoeligheid/allergie veroorzaken)

Het gaat hierbij zowel om producten in een verpakking als om stoffen die vrijkomen tijdens het werk, procesemissies (Arbobesluit, artikel 4.105). De producten in een verpakking zijn eenvoudig te herkennen, omdat ze voorzien zijn van specifieke gevaarszinnen en pictogrammen. Deze staan op het etiket en in het veiligheidsinformatieblad (VIB of SDS).

Stoffen die vrijkomen tijdens het proces zijn minder makkelijk te herkennen. Daarvan weten we de mogelijke gezondheidseffecten uit de literatuur of bijvoorbeeld uit de lijst van CMR-stoffen van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Voorbeelden van procesemissies waar jongeren onder 18 niet aan mogen worden blootgesteld, zijn:

  • Respirabel kwartsstof (kankerverwekkend)
  • Stof van loofboomhout (hardhout, kankerverwekkend)
  • Dieselmotoremissie (kankerverwekkend)
  • Meelstof (sensibiliserend)
  • Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (PAK’s) (kankerverwekkend, mutageen en reproductietoxisch)

Jeugdigen mogen niet zelf werken met deze stoffen, maar ook niet blootgesteld worden aan stoffen met deze eigenschappen. Ze mogen dus ook niet werken in een omgeving werken waar hardhoutstof of respirabel kwartsstof (inadembaar kristallijn silica) vrijkomt.

Niet alleen producten met H-zinnen zijn verboden, ook emissies met soortgelijke gezondheidseffecten zijn verboden”

Tijdens de opleiding: slechts beperkte uitzondering

Er is een uitzondering voor jeugd onder 18 jaar die tijdens een opleiding blootgesteld wordt aan de stoffen. Maar let op. Die uitzondering is veel beperkter dan in de praktijk aangehouden wordt. Formeel geldt de scholingsuitzondering namelijk alleen IN het opleidingsinstituut. In het schoolgebouw mogen deze jongeren leren om te gaan met houtbewerkingsmachines, leren hoe ze sleuven frezen in cement, leren hoe ze auto’s repareren. Volgens de letter van de wet mogen kinderen onder 18 jaar niet blootgesteld worden aan deze specifieke gevaarlijke stoffen tijdens hun stage of leerovereenkomst. Een bedrijf kan dus nooit gebruikmaken van deze uitzonderingsregel.

De scholingsuitzondering geldt alleen IN scholen, niet tijdens stage”

Verboden tot 16 jaar en onder toezicht tot 18 jaar

Dan zijn er ook nog gevaarlijke stoffen waarmee kinderen van 13, 14 en 15 niet mogen werken (NRK, artikel 2 lid 3b) en 16- en 17-jarigen alleen als zij dit doen onder deskundig toezicht (Arbobesluit 4.106). Ook hier is een lijst met specifieke gevaarseigenschappen voor. De 16- en 17-jarigen moeten bovendien onder deskundig toezicht werken als er sprake is van bepaalde gasvormige stoffen (persgassen, vloeibaar gemaakte gassen en opgeloste gassen). Deze werkzaamheden zijn verboden voor kinderen van 13, 14 en 15.

Arbotips jeugd en gevaarlijke stoffen

Wat moet je nu als werkgever, arbodeskundige of KAM-coördinator met de jeugd die rondloopt in het bedrijf?

Voor alle medewerkers geldt dat er een inventarisatie van gevaarlijke stoffen moet zijn en dat de blootstelling aan de gevaarlijke stoffen moet worden beoordeeld door schatten of meten. Als het voorkomt dat jeugd onder de 18 werkt in het bedrijf, dan gebruik je deze onderdelen van de RI&E om na te gaan wat zij wel of niet mogen:

  1. Ga aan de hand van de gevaarlijke stoffen inventarisatie na of in het bedrijf stoffen voorkomen waarmee jeugd onder 18 niet mag werken. Vergeet hierbij de procesemissies niet.
  2. Ga aan de hand van de gevaarlijke stoffen inventarisatie na of in het bedrijf stoffen voorkomen die verboden zijn voor kinderen van 13, 14 en 15. Jeugd van 16 of 17 mag hier alleen onder deskundig toezicht mee werken.
  3. Gebruik de blootstellingsbeoordeling om na te gaan of er activiteiten zijn waarbij persoonlijke beschermingsmiddelen nodig zijn. Kinderen van 13, 14 en 15 jaar mogen die activiteiten niet uitvoeren.

Jeugd in het bedrijf biedt een frisse blik, actuele kennis en maakt een nieuwe generatie warm voor de branche. Alle reden om ze te verwelkomen en goed voor ze te zorgen, te beginnen bij het beschermen van hun gezondheid. Blootstelling aan gevaarlijke stoffen moet voor alle werknemers beheerst zijn, maar voor de jeugd nog een beetje extra.

Onderdeel van de collectie

Gevaarlijke stoffen

Werken met gevaarlijke stoffen en biologische agentia brengt risico’s met zich mee. Bedrijven moeten voorkomen dat er ongevallen optreden. En werknemers mogen geen gezondheidsschade oplopen. Hier lees je hoe je dat kunt voorkomen.

Tamara Onos

Tamara Onos

Arbeidshygiënist

Tamara Onos is een ervaren arbeidshygiënist hoger veiligheidskundige. Ze voert blootstellingsonderzoeken uit voor brancheverenigingen, bouwbedrijven en -projecten en industriële bedrijven.

Onderwerpen aanpassen

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.