De volgende vragen kunnen de leden van een VGW(M)-commissie helpen de eigen sterke en zwakke punten op te sporen.
- Wat is de taak van de commissie in relatie tot de bestuurder, het management en de arbocommissie/-coördinator?;
- Wat is de plaats van de commissie inzake de arbozorg?;
- Zijn de contacten met de arbodienst in overeenstemming met de eigen wens?;
- Kan de commissie voor specifieke vragen terecht bij de arbodienst?;
- Hoeveel kennis heeft de commissie van de regelgeving?;
- Hoe treedt de commissie naar buiten op?;
- Hoe is de afstemming in taakverdeling met de ondernemingsraad?;
- Hoe is de relatie van de commissie met de achterban?;
- Richt de commissie zich voldoende op het beleid (en niet
- hoofdzakelijk op concrete arbeidsomstandigheden)?;
- Hoe controleert de commissie de praktijk van het arbobeleid?;
- Hoe beoordeelt de commissie haar interne werkafspraken en taakverdeling?;
- Welke doelen heeft de commissie zich gesteld voor de komende periode?




